Tempel van de Krijgers

Voor de terrasvormige piramide staan 68 vierkante pilaren met gebeeldhouwde krijgers op een laag platform. Erachter de piramide met de monumentale trap mat een balustrade met een opvallende, hoekige vorm en eindigend in de gebruikelijke slangenkop met opengesperde muil. De tempel is gedecoreerd met hoekmaskers boven elkaar. De open bek en slurfachtige neus zijn  de kenmerken van de regengod Chaac. Het hoogtepunt van de Tempel van de Krijgers is het beeld van Chac Mool voor de zuileningang. Deze liggende figuur, d knieŽn gebogen, het bovenlichaam opgericht, oogt vriendelijk. Maar schijn bedriegt: het is een Tolteeks altaar, gebruikt voor mensenoffers. Op de buik van Chac Mool rust een schaal die met beide handen wordt vastgehouden en die bedoeld was voor het hart van de slachtoffer.